De bijenkorf van Duinhorst Na de moeizame tocht door het mulle zand zet ik mijn tent op Camping Duinhorst in Wassenaar. Alles klopt hier: keurige velden, brandschone sanitairgebouwen, vriendelijke mensen bij de receptie. Echt, daar ligt… Lees meer…
Een cadeautje in Dimitrovgrad: rust in een koele cocon
Dag 17: de Sultans trail van Belgrado naar Sofia
#terugblik 21 september 2026
Slapen in de vorige eeuw
In het pikkedonker kwam ik gisteren aan bij de kamerverhuurder. Even dacht ik dat ik de mannelijke vorm van hospita Sanja aantrof, maar gelukkig was dat niet het geval, we konden in het Duits communiceren en er kon zelfs een lachje vanaf.
Het lijkt alsof ik in de vorige eeuw terecht gekomen ben, alles is heel oud en gedateerd, maar het heeft zijn charme. Dat de douche niet veel meer geeft dan een paar straaltjes en dat de temperatuur slecht te regelen is neem ik op de koop toe, het bed is werkelijk uitstekend. De kamer heeft geen airco, maar is heerlijk koel. De muren zijn bijna een meter dik en mijn slaapvertrek heeft slechts twee kleine raampjes, alleen bedoeld om licht binnen te laten, naar buiten kijken kan niet, het voelt als een fijne cocon.
Pure luxe: tot half twaalf in bed
Na drie wandeldagen van gemiddeld 30 km in de bloedhitte en gelokt door het perfecte matras besluit ik als ik wakker word me weer om te draaien en hier te blijven. Ik geef mezelf een rustdag cadeau. Tot half twaalf blijf ik in bed. Ik zet koffie, app en lees wat en dommel af en toe in slaap. Wat een weelde!
Als ik naar buiten ga, loop ik tegen een muur van hitte, wat een verschil met de koele kamer. Het is een wolkeloze dag en om half een is het al snikheet. Morgen maar heel vroeg op pad om dit voor te zijn. Een restaurant vinden is nog een hele klus. Ik loop een tijdje rond, maar vind er geen. Wel volop winkeltjes en fastfood tentjes, maar ik wil vandaag echt goed eten en er lekker voor gaan zitten.
Google translate en een Michelin-ervaring voor een prikkie
Op de kaart zie ik dat er in Dimitrovgrad maar één restaurant is, maar één is genoeg. Ze hebben alleen een menukaart in het Servisch en daar is geen touw aan vast te knopen. Met Google Translate wordt het me iets duidelijker, maar de vertaling is bar en boos. Niet getreurd, ik eet voortreffelijk: een grote salade, een vleesschotel en koffie en taart toe. Omgekeerd naar euro’s kost dit alles €11,20 Dat kan Bruintje wel trekken!
Met mijn buikje rond maak ik nog een korte wandeling en doe ik inkopen bij de supermarkt voor de dag van morgen. Ik slaap een korte siësta, was nog wat kleding en rommel heerlijk wat aan in mijn koele groene kamer. Dit was me het cadeautje wel!





Het geluk van een vergeten Snicker en de vloek van de kortere weg
Dag 16: de sultans trail van belgrado naar sofia
#terugblik 20 september 2025
stilte aan de rivier en een tweede ontbijt
Om 8 uur vertrek ik bij Sanja, die me niet eens uit komt zwaaien. Haar gordijnen zitten nog potdicht, maar het stadje Pirot leeft al volop. Het is een drukte van jewelste en de winkeltjes doen goede zaken op zaterdagochtend.
De route start langs de Nisava rivier en het wordt steeds stiller. In het begin kom ik nog hardlopers tegen, maar na een tijdje is er, op een schaaphoeder na, niemand meer te zien. Na ruim een uur zie ik een tafel onder een boom aan de oever, waar ik mijn tweede ontbijt neem. Trek heb ik alweer, dat heb ik vaak als ik de dag daarvoor veel gelopen heb en het is belangrijk om aan dat hongergevoel toe te geven. Het verse brood met de typische smeersels uit de Balkan (soort paté) smaakt heerlijk. Ondertussen schrijf ik mijn stukje.
Vandaag moet ik véél klimmen. Herhaaldelijk moet ik gutsend van het zweet even stoppen en vervloek ik wat ik aan het doen ben in deze hitte en vraag ik me af waarom ik dit mezelf aandoe. Ik heb me een pauze beloofd als ik op het hoogste punt aankom. Het uitzicht is niet zo mooi als gehoopt, maar wel staat er een boom. De enige in de wijde omgeving. In de schaduw ga ik blij en veel te lang zitten.
Gekookte druiven en een echo van geluk
In mijn tas kom ik een vergeten Snicker tegen, die had ik een paar dagen geleden gekocht, maar ik had daar nooit meer aan gedacht. Ik slaak een euforische kreet, die echoot door het gebergte, dit is puur geluk!
Om goed gehydrateerd te blijven snoep ik om de haverklap van mijn inmiddels gekookte druiven, maar hoewel ze warm zijn, geven ze nog wel suiker en vocht. Daarnaast maak ik met poeder van Decathlon van mijn water een isotone sportdrank, echt ideaal bij deze hitte. Ik voel me in ieder geval nooit slap of rillerig.
In het pikkedonker naar Dimitrovgrad
Dan maak ik een enorme vergissing. Ik zie op mijn kaart een wat kortere route en besluit die te nemen. De klim is verschrikkelijk steil en ik begeef het bijna. Boven aangekomen en halfdood stuit ik vervolgens op een ondoorgaanbaar overgroeid pad. Ik moet weer helemaal terug… ik kan wel janken!
Inmiddels wordt het donker en mijn geboekte kamer kan niet meer geannuleerd worden. Ik besluit daarom om toch maar door te lopen i.p.v. te kamperen. Dat het zo donker zou worden had ik alleen nooit verwacht, ik kan echt geen hand voor ogen zien, maar met mijn hoofdlamp kom ik veilig en wel aan in het vlakbij de Bulgaarse grens gelegen Dimitrovgrad.




“Bravo!” op de route en een “onenightstand” bij Sanja
Dag 15: De Sultans Trail van Belgrado naar Sofia
#terugblik 19 september 2025
Ontbijten bij 10 graden
Na een ongelooflijke heerlijke nacht slaap in mijn tent – ik sliep al voor 21:00 uur – ga ik om 6:15 uur op pad. Het wordt weer een warme dag en zo kan ik al een eind lopen voordat de koperen ploert me bijna levend verbrandt.
Om 9:00 uur kom ik aan in Bela Palanka, waar ik aan een picknicktafel mijn ontbijt eet, eerder had ik nog geen trek. Lang houd ik het niet vol, want het is nog hartstikke koud, nog geen 10° en dat terwijl het kwik later zal stijgen naar 32°.
In eerste instantie schrik ik wat van dit stadje, het ziet er vervallen en troosteloos uit, maar hoe verder ik loop, hoe leuker het wordt en eigenlijk staat de sfeer me enorm aan. Op de markt is het gemoedelijk en op straat praten mensen geanimeerd met elkaar.
Om een beetje op te warmen drink ik koffie in een van de vele ‘kafeterije’ en ook daar is het zo vroeg in de ochtend al bedrijvig gezellig. Wel veel rook, want roken mag je hier nog binnen.
32 graden Hitte, 37 kilometer asfalt en onverwachte aanmoedigingen
Vandaag wil ik proberen aan te komen in Pirot, best ver nog, maar ik heb gezien dat ik over veel asfalt moet, dat gaat snel. De zon brandt intens en er is nauwelijks schaduw, maar het lijkt alsof ik eraan begin te wennen. Veel drinken en gewoon gáán.
De route is mooi en, wat anders is dan anders, als ik door een gehuchtje loop, dat mensen me tot drie keer aan toe “bravo” toeroepen, dat terwijl ik inmiddels gewend ben dat niemand ooit groet of iets zegt.
Het lukt! Met 37,6 km op de teller, ga ik in Pirot op zoek naar Pension Sanja. Het is ergens achteraf en lastig te vinden en wat ben ik blij wanneer ik met hulp van wat aardige buren eindelijk op mijn bestemming aankom.
Sanja: De hospita waar je voor vreest
Maar dan… Sanja is zo’n hospita waar je voor vreest. Ze spreekt alleen Servisch en behandelt me als een geestelijk gestoorde. Ik moet mijn identiteitskaart laten zien. Ik geef haar mijn paspoort, maar dat geldt niet zegt ze. Ze belt iemand en gaat uiteindelijk akkoord.
“Je fiets mag niet naar boven” snauwt ze. Dat het een wandelkar is, daar heeft ze geen boodschap aan. Oké, ik laat Wheelie wel beneden onderaan de trap staan en haal de spullen eruit die ik nodig heb voor de nacht. Met Sanja wil ik geen ruzie. Google Translate vertaalt dan haar vraag: “Onenightstand?”
“Ja” zeg ik “Onenightstand alstublieft!”







Vlijmscherpe doornen en de Oriënt Express: vechten tegen de Servische jungle
Dag 14: De Sultans Trail van Belgrado naar Sofia
#terugblik 18 september 2025
Schuivend de nacht door
Mijn kampeerplek bleek achteraf toch niet vlak en ik slaap allerbelabberdst. Heel vroeg op dan maar, dit heeft toch geen zin. Snel geniet ik van de route, want die is echt wonderschoon, maar tegelijkertijd maak ik me ernstige zorgen. Sommige stukken zijn overgroeid met takken en haast onbegaanbaar. Het pad is zelfs af en toe niet meer te zien, maar met de op mijn Komoot-app gedownloade GPS-bestanden blijf ik gelukkig op het juiste pad. Ik duim dat ik niet om hoef te keren omdat ik op een gegeven moment niet verder zou kunnen. Op de eerste dag van de Sultans Trail is me dat nl. al eens gebeurd en hier is er geen alternatieve route.
EHBO-les tussen de doornen
Als ik me weer door een stuk Servische jungle ploeg, haal ik me open aan een struik met enorme lange en vlijmscherpe doornen, het bloed gutst uit mijn arm en… ‘note to self’ …: stop je EHBO-spulletjes op een makkelijk toegankelijke plek! Meestal doe ik dat ook wel, maar net nu ik het nodig heb dus niet. Ik kan mezelf wel voor mijn kop slaan.
Een Orthodox kerkje en een verdwenen filmset
Door de moeilijke paden schiet het niet echt op, maar ik heb nog genoeg proviand en water, dus echt problematisch zal het niet worden. Als ik door een klein gehuchtje loop en wat brood smeer op een bankje, word ik aangesproken door een Franse vrouw die redelijk goed Engels spreekt. Ze vraagt me of ik water nodig heb en wijst me op een kerkje, 100 m van de route, zeer het bezoeken waard. De trots klinkt in haar stem. Inderdaad, het orthodoxe kerkje is prachtig en je zou dat nooit verwachten op zo’n afgelegen plek. Ook zou nóg 300 m verder een mooi uitzichtpunt zijn, waar ooit filmopnamen gemaakt zijn voor de Oriënt Express, maar dat heb ik nooit gevonden.
Een Michelinwaardig diner zonder rollen
Omdat het met geen mogelijkheid gaat lukken om nog bij een hostel te komen vandaag, zit er niets anders op dan te kamperen, wat ik uiteraard heerlijk vind en geen probleem, maar een vlak stuk is ook hier een grote uitzondering. Dat wordt dus weer spannend. Gelukkig ben ik nu wel terecht gekomen in agrarisch gebied met gras- en akkerlanden, dus betere ondergronden, maar zelfs daar is bijna niets recht. Het is om hopeloos van te worden.
Bijna donker, maar net op tijd, vind ik dan toch nog een plekje. Ik maak een soepje en een salade van komkommer, tomaat en tonijn. Honger maakt rauwe bonen zoet, maar zo’n route als vandaag maakt van alles een Michelinwaardig diner. Bovendien slaap ik vervolgens heerlijk, zonder rollen!





Tussen rouw en een ruige kloof: emoties en een 5-sterrendiner in de natuur
Dag 13: De Sultans Trail van Belgrado naar Sofia
#terugblik 17 september 2026
Een brok in mijn keel bij het kerkhof
Na een goede nacht in bed nummer 1, sta ik tijdig op en ga ik fris op pad. Bij het kerkhof net buiten het dorp, ben ik getuige van een hartverscheurend tafereel. Een echtpaar is bezig bij een vers graf en hangt een voetbalshirt, ingelijst achter glas, aan de grafsteen. Op de tombe een foto van hun tienerzoon. De vrouw moet ondersteund worden door haar man. Ik krijg een brok in mijn keel en tranen in mijn ogen en denk aan mijn twee zo ontzettend dierbare vrienden die in nog geen vijf maanden tijd allebei onverwacht zijn overleden. RIP M. (59) en RIP P. (60)
De Sićevokloof: prachtig maar ongetemd
Vandaag is de route, door en langs de Sićevokloof, werkelijk prachtig. Het is een pittige route, maar het genieten wint het met vlag en wimpel. De Sultans Trail wordt flink gepromoot in Nederland en is nog een onbekende en nieuwe route en dat merk je helaas wel. Sommige stukken zijn moeilijk begaanbaar en ik vraag me af hoe vaak er hier überhaupt wel iemand loopt. Van een lokale bewoner hoorde ik dat Serviërs niet veel hebben met wandelen. Ik maak me een beetje zorgen, ik hoop niet dat ik weer vast kom te zitten en helemaal terug zal moet lopen.
Soms kom ik door kleine gehuchtjes en op de gekste plekken vind je dan ineens iets dat doorgaat als een winkeltje. Ik ben dan ook als een kind zo blij als ik een prima banaan scoor, de andere twee waren bruin. Fruit doet me altijd goed.
Mijn eigen 5-sterren restaurant
Mijn idee was om in het dorpje Sićevo te gaan eten in het enige restaurant dat op de kaart stond, maar dat is inmiddels gesloten. Bij de supermarkt koop ik daarom eieren, tomaten, komkommer en meer en aan een picknicktafel met uitzicht op de kloof maak ik mijn maal klaar. Ik maak er gewoon mijn eigen 5-sterren restaurant van!
Proefliggen in de schemering
Vandaag wil ik kamperen, een goed streven, maar moeilijk uitvoerbaar helaas. Dat heb ik behoorlijk onderschat. Er is werkelijk nergens een vlak stuk te vinden en dat terwijl ik ruim op tijd ben begonnen met zoeken. Het wordt later en later en het begint al te schemeren. Uiteindelijk denk ik een mooi plekje gevonden te hebben. Voordat ik mijn tent opzet, ga ik eerst even proefliggen en het lijkt goed. Tijd voor een verdiende nachtrust!



Met bonzend hart en 952 schedels: de vele gezichten van Niš
Dag 12: De Sultans Trail van Belgrado naar Sofia
#terugblik 16 september 2026
Drie kwartier met open ogen en bonzend hart
“Ben je nooit bang?” vraagt een volger me. Een vraag die me vaak gesteld wordt. Ja, ik ben wel eens bang, maar niet vaak en het hoort er een beetje bij. Als ik alleen in de natuur ben, ben ik trouwens zelden bang, onder de mensen af en toe wel. Mensen zijn nou eenmaal gevaarlijker dan dieren.
Om 2:00 uur schrik ik wakker. Niet ver van mijn tent hoor ik gepraat. Het moeten minstens vier of vijf personen zijn. Ik sta aan de rand van de stad op een picknickplek waar je mag overnachten en ja, iedereen mag en kan hier komen, maar wat doen ze hier om deze tijd op een doordeweekse dag?
Mijn hart bonst in mijn keel, ik probeer in te schatten of ik in gevaar ben. Maar wat kan ik doen? Ze zijn gaan zitten aan één van de tafels en praten en lachen. Het klinkt gemoedelijk. Ik hoor ze blikjes openen, maar dronken lijken ze niet. Drie kwartier lang (dat is lang!), lig ik met een bonzend hart en met open ogen te duimen dat ze geen kwaad in de zin hebben en ik vraag me telkens af: Waarom ben ik niet naar de officiële camping gelopen? Waarom was ik te lui om dat uurtje te wandelen? Uiteindelijk stapt het gezelschap op en gaan ze weg, het is goed volk…
Zoeken naar een busstation in puin
Na deze gebroken nacht vertrek ik naar het busstation, tenminste dat is de bedoeling. Deze blijkt echter half in puin te liggen. Ik probeer erachter te komen waar ik dan moet zijn. Dat gaat moeizaam, niemand spreekt Engels en eigenlijk weten ze het antwoord ook niet. Tot ik een aantal mensen met koffers zie staan op een rotonde bij een enorm groot en protserig standbeeld (monument van Knez Lazar). Het blijkt de geïmproviseerde bushalte te zijn. Er staat nergens een bord, je moet het maar weten.
Met de bus rijd ik naar Niš, de tweede stad van Servië en met een rijke historie. De reis duurt ruim een uur en ik ben blij dat ik koel zit, inmiddels is het al flink warm geworden. Onderweg stopt de bus twee keer en dan is het ineens een gedrang van jewelste naar buiten toe. Ik snap het niet, want de bus stopt amper 5 minuten, maar de nicotinebehoefte van de rokers blijkt zo groot te zijn, dat een paar haaltjes toch verlichting schijnen te geven. In dit land wordt namelijk nog volop gerookt.
Mediterraanse sferen en orgastische taart
De aankomst in Niš is verrassend. De stad ademt een totaal andere sfeer uit. Het grote busstation, deze in perfecte staat, ligt vlak naast de overdekte markt, en hoe leuk om daar even overheen te lopen langs de groentes, de specerijen en de eieren. Ook weer snel eruit, het is lastig manoeuvreren met mijn kar met zoveel mensen.
De stad Niš heeft een rijke historie en is gelegen aan de rivier de Nisava. Een oud fort, fonteinen en statige standbeelden mogen natuurlijk niet ontbreken. Op een terrasje trakteer ik mezelf op taart van een gekroonde banketbakker en inderdaad, dat is niet voor niets, het is orgastisch lekker.
De kathedraal van Niš is indrukwekkend. Waar je ook kijkt zijn schilderingen; op de muren, op het plafond, in de raamkozijnen, overal. De kleuren zijn sprekend en het zijn verhalende taferelen. Ook hier ben ik weer de enige toerist. De kerk wordt vooral bezocht door gelovigen van de stad zelf en dat zijn er veel, te zien aan de kaarsjes die branden.
Ondanks de hitte besluit ik toch maar door te lopen op de Sultans Trail naar het volgende plaatsje, het is ‘maar’ 13 km en er zijn geen hoogteverschillen. Het begin van de route is mooi, kilometers lang langs de rivier. Ik zou graag een duik nemen, maar de stroming is sterk, dat is te gevaarlijk. Wel maak ik mijn pet af en toe nat, dat houdt mijn hoofd koel. Toch krijg ik wel een beetje spijt, het is vreselijk warm en nadat de weg van de rivier afgeleid wordt is de etappe lelijk en gaat deze door drukke en vieze buitensteden van Niš. Ik doe er veel langer over dan van tevoren gedacht en het is flink afzien bij deze hitte van ver over de 30 graden. Schaduw is er amper.


Een toren van 952 schedels
Op mijn route nog wel de eigenaardige Schedeltoren, een toren volledig ontworpen uit menselijke schedels, opgericht tijdens de Eerste Servische Opstand in 1809 als waarschuwing voor iedereen die in opstand zou komen tegen de Ottomanen. Vandaag de dag zijn er nog 59 van de oorspronkelijke 952 schedels over, die aan alle vier de zijden in 14 rijen waren ingemetseld, een bizar bouwsel.
Mijn geboekte studio (á €19/nacht), blijkt vier bedden te hebben, wat me keuzestress oplevert, want welk bed zal ik nemen? De douche hoef ik niet te kiezen, daar is er één van en die is voortreffelijk en meer dan welkom na zo’n warme dag met hoogte- en dieptepunten. Het hoort er allemaal bij. Wat een memorabele ervaringen weer op deze Sultans Trail.





Geen 18 meer: de kunst van het nixen en goed luisteren naar mijn lichaam
Dag 11: De Sultans Trail van Belgrado naar Sofia
#terugblik 15 september 2025
Ik ben geen 18 meer …
Oké, ik moet helaas toegeven dat ik geen 18 meer ben. Ik heb teveel gevraagd van mijn lichaam. De hoge temperaturen en de lange afstanden hebben zijn tol geëist. Ik heb alleen maar zin om te slapen en ben doodmoe. Verandering van plannen dan maar. Niets moet natuurlijk en deze trail kan ik toch niet helemaal voltooien en uiteindelijk heb ik vakantie.
Op de kaart zie ik dat er op 5 km afstand een camping is aan de oever van de Grote Morava rivier. Ik denk dat ik daar maar een nachtje ga staan en dat ik vandaag niet ga wandelen. Ik sleep me uit bed, zet nog even koffie, eet mijn yoghurt en loop naar buiten. Het is nog heerlijk koel, het heeft vannacht flink geregend en het is wat mistig. Snel klaart het echter op en breekt de zon weer door. Ook vandaag wordt het tegen de 30° en morgen wordt het zelfs weer warmer.
Van terras naar terras, nixen!
Mijn plan is om hier in de stad uitgebreid te lunchen, dan boodschappen te doen en dan naar de camping te lopen, maar dan zie ik dat er ook in de stad iets is dat aangeduid wordt als camping. Net als bij het klooster is het een picknickplek waar je mag overnachten. Je hebt er geen voorzieningen, zoals een toilet, maar ik zie wel een buitendouche. Bingo! Dat ga ik doen, dat scheelt me zelfs dat uur lopen. Totale relax dus vandaag.
En zo geschiedde… ik ga lang zitten in de schaduw aan een picknicktafel in het park en schrijf wat. Daarna loop ik naar een restaurantje waar ik een Servische burger – wat hebben ze hier goed vlees – met een salade nuttig. Ook daar zit ik weer lang. Dan slenter ik door naar een volgend terras voor koffie. Ik kijk naar mensen en naar duiven, ik vermaak me met niks. Wat een genot.
Mijn overleden vriend noemde dit ‘nixen’. Als ik, Marnix, me in een staat van zijn bevind waarin ik precies volg wat er op dat moment van mijn lichaam en geest gevraagd wordt: het hoofd zo goed als uitgeschakeld, totaal in het nu, tevreden en gelukkig.
Tegen het donker slenter ik naar de kampeerplek bij de rivier. Ik maak nog een soepje en na nog wat bladzijden gelezen te hebben, val ik in een diepe slaap in mijn tentje in het stadspark van Cuprija gelegen aan die prachtige rivier.



Tussen biggetjes en een boze ober: van hanengekraai naar de Grote Morava.
Dag 10: De Sultans Trail van Belgrado naar Sofia
#terugblik 14 september 2025
Een recordstart tussen de hanen
Vandaag verbreek ik mijn persoonlijke record vroeg opstaan. Jaaaa, ik kán het wel! Om kwart voor zeven zitten al mijn spullen al in mijn kar. Als de hitte mij niet verslaat, versla ik hem wel.
Er is nog nergens iemand te zien, alleen een paar hanen zijn net zo wakker als ik en kukelen er lustig op los. Ik niet, al voel ik me wel weer goed, maar het blijft vroeg. Net als gedurende de hele nacht waait het hard. Dat is lekker en verfrist een beetje, al is het al 21°.
De Servische mentaliteit: anders…
De route bekoort me. Eigenlijk voor het eerst een aantrekkelijke route met mooie uitzichten, schone (!) dorpjes en onderweg vriendelijk ogende mensen. Ik vind het nl. echt wennen, de Servische mentaliteit. Gisteren op de kampeerplek was het een heel ander verhaal, maar de mensen zijn over het algemeen nors, ze groeten eigenlijk nooit – ook bijvoorbeeld de caissière bij de supermarkt niet – en een lachje kan er ook zelden vanaf, zelfs niet als je fooi geeft. Het is een andere manier van doen. Niet slechter of beter uiteraard, anders.
Dieren op mijn weg naar Cuprija
Het is uitermate grappig als ik verschillende keren in de dorpjes tussen de biggetjes loop. Ze lopen gewoon los op straat. Wakker dier heeft hier wat dat betreft weinig te doen. Met honden is het helaas vaak een ander verhaal, die zitten regelmatig de hele dag aan veel te korte kettingen vastgeklonken op een erf.
Verbaasd ben ik als er op een gegeven moment een schaapskudde achter me loopt. Er lopen twee honden bij om de schapen in het gareel te houden, maar de schaapherder rijdt er op zijn dooie gemakkie achteraan in een autootje. Zijn schoenzolen zullen niet snel verslijten.
Voetbal: niet storen a.u.b.
Het lopen gaat lekker, maar de route is langer dan verwacht en toch wel uitputtend. Na 33 km kom ik aan in Cuprija, gelegen aan de Grote Morava, een prachtige groen gekleurde rivier. Ik heb een kamer geboekt en moet de sleutel ophalen bij het ondergelegen restaurant. Er hangt een enorm televisiescherm en de ober zit Liverpool/Manchester City te kijken. Hij is duidelijk not amused dat zijn voetbalwedstrijd onderbroken wordt door mijn komst. In sneltreinvaart leidt hij me naar mijn kamer en net zo snel sta ik onder een koele douche. Wat een weelde.



Geen Texas Chainsaw Massacre, wel Servische koffiedrab: mijn dag in Despotovac
Dag 9: De Sultans Trail van Belgrado naar Sofia
#terugblik 13 september 2025
Wildkamperen in een maisveld
In de nacht regent het licht. Er is geen geluid zo zen als de zachte regendruppels op mijn tent, wat een genot. Om zeven uur word ik gewekt door verre kerkklokken. Een half uur later luiden ze weer. De mis zal wel afgelopen zijn. Tijd voor mij om op te staan.
Een volger schrijft me “naast een maisveld slapen nog wel, spooky setting!” Engerds verstoppen zich er vaak en The Texas Chain Saw Massacre speelde zich ook af in een maisveld. Niet veel later voel ik ogen op me gericht… zal het dan toch? Het blijkt een nieuwsgierig jong katje te zijn. Mijn avontuur heb ik overleefd, ik kan verder!
Altijd weer die honden
De route gaat vooral over asfalt en door stille dorpjes. Alles lijkt uitgestorven en alsof er alleen maar honden wonen. Bij ieder huis word ik óf vrolijk óf juist agressief toegeblaft, van zwaar diep gebas tot hoog, mijn oren pijnigend, gekef.
Een voortreffelijke lunch met drabkoffie
De temperatuur loopt flink op, schaduw is nergens te vinden. Het is bloedheet. Rond het middaguur kom ik in Despotovac aan, waar ik meteen een koel restaurant induik. Ik eet voortreffelijk en maak kennis met de Servische drabkoffie. Als de ergste hitte voorbij is loop ik door naar het Manasija klooster, dat begin 1400 gesticht is. Het is indrukwekkend om daar rond te lopen en wederom de devotie van de lokale bewoners waar te nemen.
Als ik het klooster uitloop komt er een jongeman achter me aangerend. Hij vraagt of ik die Australische man ben die al 25 jaar met een karretje de wereld rondloopt. Nee, dat ben ik niet, maar graag zou ik dat wel nog 25 jaar doen. In goede gezondheid zou dat nog net moeten kunnen lukken!
Gastvrijheid op de picknickplek
300 meter van de gebedsplek is er een picknickplek, waar je mag kamperen. Er staat nog één ander tentje, er is een kampvuurtje en zo’n 20 volwassenen en kinderen vermaken zich prima. Ik word meteen uitgenodigd om later bij ze te komen zitten, ze hebben genoeg te eten en te drinken.
Een jongetje van een jaar of 12 vraagt of ik misschien wat Servisch wil leren. Hij leert me begroeten en een beetje tellen, het is aandoenlijk. Daarna ga ik echter snel mijn tent in, ik voel me niet zo lekker, het lijkt wel of ik verkouden aan het worden ben en ik heb lichte hoofdpijn. De drank sla ik dit keer over.




Van Monopolygeld tot maisveld: eerlijkheid en ongemak in Servië
Dag 8: De Sultans Trail van Belgrado naar Sofia
#terugblik 12 september 2025
Eerlijke mensen en een veel te dure taxi
De rustdag doet me goed. Ik kom zelfs nog tijd tekort. Vanaf Smederevo ga ik een stuk van de route overslaan. Volgens een speciale internationale taxiwebsite valt de prijs best mee voor de 60 km die ik moet overbruggen. Als ik echter de prijs verifieer bij een taxichauffeur, blijkt deze veel hoger te zijn. Ik bekijk toch nog een keer het alternatief per OV, maar dat is geen optie
Balend en voordat ik met tegenzin de taxi neem, drink ik een koffie op een terras. De koffie kost 120 Dinar, maar ik leg per ongeluk 1.020 Dinar neer op het schoteltje en loop weg. Een punthoofd krijg ik hier van al die biljetten, mijn zakken puilen uit, het lijkt wel Monopolygeld.
Niet snel daarna hoor ik geschreeuw achter me. Ik sla er geen acht op, geschreeuw hoor je hier zo vaak. Dan hoor ik “Sir, sir”. Volgens mij ben ik de enige toerist in verre omstreken, word ik geroepen? De serveerster geeft me het teveel betaalde geld terug… wow, wat eerlijk, ze had ook kunnen denken “stomme toerist!”
Vogelpoep
Met de taxi ben ik binnen een uur in Svilajnac, vanwaar ik verder ga. Ik loop lekker en de route is gemakkelijk qua ondergrond (alleen maar asfalt) en qua hoogtemeters (geen). Na een tijdje vind ik een bankje onder wat bomen, de ideale plek om te lunchen in de schaduw. Tenminste… totdat ik ondergescheten wordt door een vogel boven me in de boom. Een abrupt en smerig einde van een vredevolle lunch.
Ruzie in de keuken
Een paar uur later hoor ik ineens een man roepen vanaf zijn balkon “Sprechen Sie Deutsch?” Zoran blijkt in Zwitserland te werken en is hier bij zijn moeder op vakantie. Hij zegt dat ik mag blijven eten en dat mijn tent in zijn tuin kan. Ach waarom ook niet? Dit zijn vaak de leuke ontmoetingen, alleen heeft zijn Zwitserse vrouw er geen zin in, ze heeft problemen in de familie en ze wil nu even niemand in huis. Hoewel ik ze niet kan verstaan, hoor ik ze discussiëren in de keuken.
Met zijn staart tussen zijn benen komt Zoran terug, hij schaamt zich dood, maar hij moet zijn uitnodiging intrekken. Ik zeg dat ik het helemaal snap en dat het geen probleem is. En inderdaad, niet veel later vind ik een prima kampeerplekje verscholen achter een maisveld.














