Zwemmen voor het slapen, hemels
Jammer dat het niet iedere dag lukt om te zwemmen. Vooral vlak voor het slapen gaan werkt dat echt geweldig. Wat slaap ik lekker. Ik geniet nog even van mijn strandje en het uitzicht. Ik ontbijt goed, wel vier bruine boterhammen, en ga weer op pad.
Ik ben bang, ik voel me niet goed
Maar gek genoeg voel ik me niet goed. Duizelig en een beetje raar. Ik heb mijn telefoon in de aanslag, voor het geval er iets gebeurt. Te vaak heb ik herseninfarcten meegemaakt in mijn directe omgeving en het is altijd een nachtmerrie van me geweest dat mij dat ook overkomt. Je kunt dan immers vaak zelf geen alarm meer slaan. Maar het voelt ook weer niet echt als een herseninfarct, al weet ik natuurlijk niet preies hoe dat voelt. Meer als een soort hongerklop. Ik stop dus maar weer en eet nog een keer. Veel. En inderdaad. Daarna loop ik gewoon weer kwiek verder.
Ik vecht tegen mezelf
Het is achttien graden en er staat een harde wind, windkracht zes. Niet echt aangenaam. De hele dag houd ik mijn fleece aan en dat komt niet vaak voor. Warm heb ik het normaal gesproken snel genoeg, zeker met al die klimmetjes. Ik vecht tegen de berg, maar vooral tegen mezelf. Ik wil er al zijn. Ik wil niet lopen. Mijn kar raakt ondertussen aardig leeg, dus binnen niet al te lange tijd zal ik toch een supermarkt moeten vinden.
Gewond door een kever
Als ik even stilsta om mijn route te bekijken, voel ik ineens een scherpe pijn in mijn grote teen. Een grote zwarte kever rent weg onder de bladeren. Die heeft me flink te pakken genomen. Mijn teen bloedt. Sommige kevers kunnen, als ze zich bedreigd voelen, hard genoeg bijten of knijpen om de huid te doorboren. Vreemd. Ik stond gewoon stil. Ik ontsmet de wond. Nou ja, het wondje. Niet overdrijven. En ga weer verder. Soms is lopen op open schoenen nou eenmaal wat minder handig.
Shelter aan de weg
De route is mooi, maar af en toe best zwaar. Het valt me niet mee. Ook de plek van de shelter valt een beetje tegen. Maar goed, je kunt niet iedere dag op een toplocatie terechtkomen. Niet veel later komt er een auto aangereden. De shelter ligt gewoon aan een gravelweg. Een man springt eruit en ziet dat ik al in de shelter zit. Ik wijs hem op de andere shelter, vijftig meter verderop.
Marihuana in de schuilhut
Als hij hoort dat ik uit Nederland kom, is hij blij verrast. “Daar gaan we volgende week naartoe. We houden van roken. Mocht je wat willen, we hebben wel wat hoor. We gaan ervan genieten in de shelter verderop.” Ik bedank vriendelijk. Voor mij geen verdovende middelen. Ik heb genoeg aan mijn koffie.
Hogere sferen
Later komt de man nog even terug. “Als we lawaai maken, dan moet je het zeggen hoor. Soms hebben we het niet in de gaten. Geniet van de natuur in Zweden!” Ik hoor ze de hele avond en nacht niet. Ze stoken een vuurtje, roken en genieten vast in hogere sferen. En ik droom fijn.
Overnachting: Veddige




Ontdek meer van FOOTSTEPS OF FREEDOM
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

