Wespen, vossen, dassen, herten en zwijnen

#terugblik – 14 juni 2024

Heel vroeg word ik wakker en schrijf ik wat. Het fijnste vind ik het om vroeg in de ochtend te schrijven, dan heb ik een helder leeg hoofd en de meeste inspiratie. Het lijkt dan of de woorden als vanzelf uit mijn toetsenbord rollen.

De hele tijd hoor ik gezoem en ineens zie ik dat ik onder een wespennest heb geslapen. Prachtig om te zien, een bouwwerk gemaakt van laagjes gekauwde hout- en plantenvezels, nu nog ter grootte van een tennisbal. Ik weet niet of er nog wel geslapen kan worden in de hut als het nest groter wordt, maar misschien kan dat gewoon als je de wespen maar met rust laat.

Het weer is fris, maar droog. Verschil tussen dag en nacht is er nauwelijks. ‘s Nachts is het 11 graden en overdag is het een graadje warmer. Ik voel me heerlijk zen en het meest opvallende dat ik gewaarword bij mezelf is dat ik geen last meer heb van uitstelgedrag. Als ik bijvoorbeeld zie dat er regen komt, doe ik meteen de hoes om mijn kar en pak ik mijn regenpak. Ik wacht niet totdat het ook daadwerkelijk gaat regenen. Het is een vervelend klusje, maar met uitstellen word ik vaak extra gestraft omdat ik dan toch nog nat word. Steentje in mijn schoen? Meteen stoppen en eruit halen. En zo heb ik meer voorbeelden. Klinkt stom misschien, maar toch wel een overwinning voor een notoire uitsteller van vervelende klusjes.

De route is erg mooi en afwisselend; bos, open landschap, kastelen en het dorpje Trosa. Ik kook mijn eten op een ‘gran-di-joos’ uitzichtpunt en geniet weer eens op en top van mijn eigen kookkunsten. Op de kaart zie ik dat er in het natuurreservaat Tullgarn een aantal picknickplekken zijn, daar kan ik vast mooi kamperen en dat klopt inderdaad ook. Een stukje van de route af vind ik een plekje bij het water, waar veel watervogels druk bezig zijn met hun nesten. In het uur voordat ik daar aankom zie ik een vos, een hert, zwarte wilde zwijnen en een dassenfamilie. Aan wild geen gebrek. Nadat ik mijn tent opgezet heb kom ik erachter dat ik niet bij het water kan komen, maar gelukkig heb ik nog genoeg water voor de nacht en voor koffie. Een kniesoor die daarop let.

Pauze in een mierenhoop

#terugblik – 13 juni 2024

Blij met de goede afloop van gisteren, gaap ik a-sociaal hard als ik wakker word. Ineens staat er een vrouw naast mijn luchtbed. Ze vraagt zich af of alles goed met me gaat, ik kwam gisteren wel heel laat aan. Het blijkt dat haar tentje op nog geen 20 meter afstand van de hut achter een rots te staan… Ik schaam me dood, voor mijn overdreven gegeeuw en voor het luide coachen van mezelf vannacht, dat moet ze gehoord hebben. Dat klopt, maar het stelde haar ook gerust. Ze wist in ieder geval dat er goed volk aankwam.

Ze is een markante verschijning met rood haar en tatoeages. Ik ben onder de indruk van haar verhaal, ondanks haar lichamelijke beperkingen trekt ze erop uit en doet ze wat ze nog wel kan en gaat ze niet zielig thuis zitten mokken. Vaak loopt ze maar 5 km per dag, maar ze is in de natuur waar ze op en top geniet en dat zie je! We spreken af contact te blijven houden. Dit zijn de mooie menselijke ontmoetingen.

Dankbaar voor mijn uitstekende gezondheid ga ik verder en niet veel later kom ik tot mijn verbazing weer terug op de plek waar ik gisteren niet mocht kamperen. Ik ben verkeerd gelopen en deze weg was veel korter. De lijdensweg van gisteren was helemaal niet nodig geweest…

Als ik wil pauzeren, zie ik een afgezaagde boomstronk met dennennaalden eromheen. Dat is een prima stoel! Ineens zie ik een colonne mieren mijn regenbroek in marcheren. Ik ben op een mierenhoop gaan zitten! Het zijn grote rode mieren en ik maan mezelf tot rust om niet te gaan slaan, dan gaan ze zeker bijten. Voorzichtig doe ik mijn broek uit en verwijder ik de mieren. Ik had het kunnen weten, een hoop dennennaalden is vaak een mierennest.

Na amper 9 km lopen zie ik een hut, waar ik besluit te blijven. Na het nachtelijke avontuur mag dat wel. Het zonnetje is inmiddels gaan schijnen en het is er heerlijk. Op een rots zit ik een tijdje gewoon te zitten, meer hoeft ook niet, want het is alles.

Om half acht ben ik zo moe, dat ik maar ga slapen. Met het risico dat ik heel vroeg wakker zal worden, maar dat is dan maar zo. Ik ontwaak echter na 1,5 uur en om half elf val ik gewoon weer in slaap, nu tot de volgende ochtend.